donderdag 9 maart 2017

Sorry

“Sorry seems to  be the hardest word.” Elton John zong het al in 1976. 




Ik ben het niet met hem eens. Er is niks mis met sorry zeggen, sterker nog, het getuigt van moed, leiderschap en empathie om dat gewoon wel te doen. 

De Q-koortsuitbraak in Nederland dateert alweer van 2007 en is voor zover bekend de grootste ter wereld. Onze provincie Brabant werd samen met de provincie Gelderland het zwaarst getroffen. Vanuit Brabant klinkt al lang het verwijt dat het belang van de agrarische sector bij de Q-koortsuitbraak zwaarder is gewogen dan dat van de patiënten. 

Vorig jaar diende Antoinette Knoet van PvdA Brabant een motie in waarin ze opriep tot een groot bevolkingsonderzoek. Zeven andere partijen in de Provinciale Staten schaarden zich achter de motie die unaniem werd aangenomen.  De motie vraagt ook naar een onafhankelijk onderzoek naar de manier waarop Den Haag is omgegaan met slachtoffers van Q-koorts. 

Premier Rutte (VVD) kon vorige week geen sorry over zijn lippen krijgen; “Het is echt geklets dat de overheid harteloos is geweest tegenover de slachtoffers van de Q-koorts." 

Vicepremier en PvdA-lijsttrekker Lodewijk Asscher zei het gisteren wel toen hij in Den Bosch te gast was bij het Brabants Dagblad.  “De overheid is zo groot dat het soms moeilijk is de menselijke kant van de zaak te blijven zien. Als die hier uit het oog is verloren dan moet je dat kunnen toegeven.” 

In het Brabants Dagblad van vandaag lees ik dat het geen formeel excuus is maar wel een menselijk gebaar.

En zo hoort het ook. Politici dienen hun menselijke gezicht te tonen om in de politieke arena vervolgens de samenwerking te zoeken. 

Dat is wat Antoinette Knoet van PvdA Brabant in de Provinciale Staten deed en dat is wat ook in Den Haag moet gebeuren.

Samen vooruit.

Dit is mijn vierde column in aanloop naar de verkiezingen van 15 maart. De columns eindigen steeds met de woorden "Samen vooruit", want ik steek mijn politieke voorkeur niet onder stoelen of banken.

Eerder verschenen:

Geen paniek

Een premiersdebat zonder de VVD

Een goede grap 

maandag 6 maart 2017

Geen paniek


Het zonnetje scheen en ik twijfelde of ik lekker naar buiten zou gaan of thuis zou blijven en Buitenhof zou kijken op NPO 1. Daar zou Lodewijk Asscher komen en ik geloof in de man en in zijn boodschap. Bijkomend voordeel was dat ik tegelijkertijd via Radio 1 de verrichtingen van Feyenoord kon volgen dus ik koos voor thuisblijven.

Lodewijk Asscher deed het prima en ik voelde me warm worden van binnen. Nederland heeft dringend behoefte aan nieuw leiderschap en daar zat hij gewoon aan tafel.

In mijn enthousiasme appte ik een partijgenoot.

“Ik vind Asscher toch echt goed overkomen in Buitenhof”

Twee minuten later kwam er een antwoord en stond ik weer met beide benen op de grond.

“Ben ook aan het kijken. We leven in een tijd dat redelijkheid en nuance niet scoren”.

Ik besloot toch even naar buiten te gaan. Het zonnetje scheen nog steeds en Feyenoord stond nog altijd achter.

Later die middag leerde ik dat niet alleen Feyenoord maar ook Ajax punten had verloren. Het was inmiddels gaan regenen en ik bedacht dat ik geen zin had in het Carrédebat op RTL 4.

Maar in deze tijd  kunnen TV-debatten je eigenlijk niet ontgaan. In het app-groepje van de lokale fractie werd er ook gekeken en voor het slapen gaan checkte ik toch nog even mijn tijdlijn op Twitter.

De kalmte & redelijkheid in toon, taal & presentatie van #Asscher is in publieke waardering zijn grootste vijand. Zo lijkt het. #carredebat

Dit schreef een gewaardeerde partijgenoot. Van iemand anders hoorde ik dat Lodewijk niet bij de winnaars hoorde van dit debat.

Geen paniek zou ik zeggen. Als je in de boodschap gelooft blijf die dan consequent uitdragen. Rustig, vol zelfvertrouwen en dan maar tegen de stroom in.


Samen vooruit.

Dit is mijn derde column in aanloop naar de verkiezingen van 15 maart. Eerder verschenen:

Een premiersdebat zonder de VVD

Een goede grap 

zondag 19 februari 2017

Een premiersdebat zonder de VVD



Geert Wilders en Mark Rutte zullen volgende week zondag om 21.00 uur voor de buis zitten. RTL zendt dan het premiersdebat uit en de lijsttrekkers van de twee grootste partijen in de peilingen hebben besloten niet mee te doen.

Na de afzegging van beide heren besloot RTL het debat te schrappen om later op die beslissing terug te komen en de lijsttrekkers van CDA, D66, Groen Links, SP en PvdA uit te nodigen.

Geert Wilders zal het wel prima vinden. In zo’n debat is er voor hem toch weinig te winnen, hij moet het vooral hebben van zijn ongenuanceerde teksten op Twitter. Maar Mark Rutte zal zich nog wel eens achter de oren krabben over deze strategische blunder. Het blijft immers wel het premiersdebat en met hangende pootjes vragen of hij toch mee mag doen gaat niet gebeuren.

Een premiersdebat zonder de VVD.

In de peiling van vandaag staan de vijf partijen die wel mee doen samen op 71 zetels. Ik verwacht dat dit aantal na het premiersdebat verder zal groeien en dat één van de vijf wél aanwezige lijsttrekkers premier zal worden. Als je dus al strategisch wil stemmen doe het dan op één van deze vijf partijen.

Jesse Klaver heeft ambities met Groen Links en vandaag vertelde hij in Buitenhof dat hij er alles aan zal doen om te zorgen dat er een progressief kabinet komt.
De kritische opmerkingen van PvdA-minister Jeroen Dijsselbloem deden hem niet zo veel. “Het zal allemaal wel, na 15 maart is dat allemaal vergeten en vergeven".

Na het premiersdebat wordt alles anders en zullen er grote veranderingen plaats gaan vinden. Groen Links zou zo maar eens de grootste partij kunnen worden.

Mijn stem op 15 maart gaat naar Lodewijk Asscher. Een strategische stem. Hij zou een geweldige premier zijn, maar ook niet misstaan als minister in het eerste kabinet Klaver.


Samen vooruit.


Dit is mijn tweede column over de naderende verkiezingen. Eerder schreef ik "Een goede grap"

vrijdag 17 februari 2017

Een goede grap


Op 19 november ontving ik Lodewijk Asscher in een zaaltje in Den Bosch. Asscher was verwikkeld in een lijsttrekkersstrijd binnen de PvdA en er waren zo’n 50 aanwezigen, voornamelijk leden. Ik mocht de bijeenkomst aan elkaar praten en ook een paar vragen stellen.

Wat me opviel was dat Lodewijk een ontspannen indruk maakte en erg makkelijk zijn verhaal vertelde. Nou ben ik natuurlijk geen kritische journalist maar een partijgenoot dus dat scheelt.

Dergelijke bijeenkomsten zijn voor politici goede bijeenkomsten om warm te draaien voor de echte campagne. Je kunt eens een grap uitproberen en kijken hoe de mensen reageren.

Ik stelde uiteraard een vraag over progressieve samenwerking, een persoonlijk stokpaardje van mij en Asscher pareerde de vraag met een goede grap. Althans dat vond hij zelf en ik eigenlijk ook wel, maar niemand moest echt lachen.

“Nou, dit werkt dus niet” zei Lodewijk en hij ging verder met zijn verhaal.

Een maand daarvoor had Jesse Klaver, lijsttrekker van Groen Links, de knuppel weer eens in het hoenderhok gegooid en een oproep gedaan voor linkse samenwerking. Onze toenmalige partijleider Diederik Samsom reageerde wat geagiteerd en het NRC verzuchtte een dag later dat linkse partijen die samen optrekken een utopie zal blijven. Het Parool repte zelfs van een ruzie op links.

Asscher won de lijsttrekkersstrijd met de leus “samen vooruit” en in januari probeerde hij het balletje van linkse samenwerking maar weer eens op te gooien.

In het AD zei hij dat veel mensen onzekerheid voelen op de arbeidsmarkt en dat je dat niet wegneemt door op links te hakketakken. En de Volkskrant schreef zelfs dat de progressieve partijen voorzichtig aan een regeerakkoord werken.

Inmiddels is het al bijna maart. De verkiezingen komen dichterbij en Wilders en Rutte laten het RTL-debat op 26 februari aan zich voorbijgaan. Het wordt nu eigenlijk een links onderonsje en CDA en D66 mogen ook meedoen.

Een prima podium lijkt me om de grap die op 19 november in Den Bosch maar lauw werd ontvangen nogmaals te proberen.

“Want met linkse samenwerking is het net als met pubers en seks” zei Lodewijk. “Je kunt er heel lang over praten maar het doen is vele malen leuker”.

Samen vooruit.




vrijdag 3 februari 2017

Verlangen naar de Vliehors


Als topografie je ding is en je iemand bent die graag wegdroomt boven een atlas, dan zijn er op deze wereld veel plekken om naar te verlangen.

De Vliehors is zo’n plek. Ik ben er nog nooit geweest.

Een hors is volgens het woordenboek een zandplaat in zee die met vloed bijna geheel onderloopt, maar de Vliehors is wel wat groter dan een zandplaat. Het is een uitgestrekt natuurgebied in het westen van Vlieland en telt zo’n 24 vierkante kilometer. De zandvlakte wordt ook wel de Sahara van het Noorden genoemd. Het gebied is voor een groot gedeelte in gebruik als militair oefenterrein, maar je kunt er wel komen.

Vanuit Oost-Vlieland kun je er met de Vliehors-express naar toe. Dit is een toeristentruck die met zeer speciale banden blijkt te rijden. Wanneer er over het zand wordt gereden, verschijnt er een gedicht in het zand.

Vanuit Texel kun je met het Waddenveer de Vriendschap op de Vliehors komen. Deze vaart alleen in de zomermaanden een paar keer per week.

In 2009 stond ik aan de rand van de Vliehors. Samen met Stijn en Josse was ik over de afsluitdijk naar Harlingen gefietst en daarvandaan met de boot naar Vlieland gevaren. Op de laatste dag van ons verblijf op het eiland fietsten we zo ver mogelijk naar het Westen tot we op de rand van de Vliehors stonden. Het waaide hard die dag.




Vorige week was ik weer vlakbij de Vliehors. Op Texel wandelde ik in twee dagen van zuid naar noord, van de boot naar de vuurtoren zeg maar. Vlak voor de vuurtoren zag ik de Vliehors ook echt liggen. Een gele streep in de verte, uitgelicht door een klein beetje zon. Ik voelde de opwinding in mijn buik.

’s-Avonds in het café in De Cocksdorp deed ik wat navraag, maar al snel kwam ik tot de conclusie dat een overtocht er echt niet inzat in deze tijd van het jaar.

De volgende dag wandelde ik weer terug naar de boot en bedacht ik waar mijn verlangen naar de Vliehors vandaan komt, want hoe kun je verlangen naar een plek waar je nog nooit ben geweest?

Het verlangen naar de Vliehors is een verlangen naar lege vlaktes en vergezichten, maar daarmee ook naar ruimte, rust en bovenal helderheid.


Ik blijf dus nog even verlangen naar de Vliehors.

Luister ook naar Terug en lees Aardrijkskunde







Terug

Opeens ben je de weg kwijt
Draaien met de kaart maar niets wat je herkent
Een jungle heeft geen paden
En je zult vallen als je rent 

Terug
Je wilt terug
Naar een plek waar je nooit bent geweest
Terug naar de wereld
En daarmee verder terug 





Aardrijkskunde

Een mooi gedicht van Cees Buddingh'



'k Was al heel jong verzot op aardrijkskunde.
Ik vond niets mooier dan wanneer we op school
een kaartje moesten tekenen en inkleuren:
blauw voor het water, groen voor het laagveen.

En later kreeg je zelf je eigen atlas.
Nooit heb 'k een boek met zoveel zorg gekaft.
Ik kon er uren over zitten dromen,
tot 't klokje van gehoorzaamheid weer sloeg.

Heel de aarde leek één fonkelend wonderrijk:
Tibet. De Andes. Het Zuidpoolgebied.
Tasmanië. Vuurland. Afrika vooral.

Onmetelijk. Oneindig. Iedere naam
was pure poëzie. Wat ben ik blij
dat er toen nog geen televisie was. 


C. Buddingh' (1918-1985)